In deze uitgave worden de rechterlijke uitspraken besproken welke betrekking hebben op telecommunicatie door middel van etherfrequenties. De basis voor deze uitspraken is te vinden in de Telecommunicatiewet.
Een groot deel van de uitspraken heeft betrekking op omroep.Besproken wordt onder andere een uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State over de vraag of een door het CvdM verleende goedkeuring van diverse themakanalen van de publieke omroep als nieuwe of bestaande staatssteun moet worden aangemerkt en of er al dan niet een concurrentietoets moet plaats vinden. Verder oordeelde de rechtbank te Rotterdam over de verdeling van frequenties ten behoeve van niet-landelijke commerciële omroep. Onderwerp van geschil was onder meer de invulling van het begrip `op de regio gerichte programmering`. Daarnaast komt de intrekking van twee vergunningen ten behoeve van landelijke commerciële omroepen aan de orde en de pogingen om de desbetreffende kavels A7 en A8 via een snelle procedure opnieuw te verdelen, welke pogingen strandden door gewijzigde politieke inzichten. De procedure werd uiteindelijk stop gezet, maar wel vonden er nog twee voorlopige voorzieningenprocedures plaats. Verder heeft het CBb uitspraak gedaan in een geschil over de reparatie van het ontvangstbereik van Radio 538.Ook op het terrein van mobiele communicatie zijn uitspraken te noteren. Twee daarvan hebben betrekking op de 2,6 GHz frequentieband. Aan de orde kwamen een wijziging van het Frequentieplan waarbij de bestemming van die band werd gewijzigd in `mobiele communicatie` en de daarop volgende veiling van die frequenties.Daarnaast heeft de rechtbank te Rotterdam uitspraak gedaan in een bodemprocedure over de aan Telfort opgelegde last onder dwangsom wegens het niet in gebruik nemen van UMTS-frequenties.In deel 1 worden de uitspraken besproken. In deel 2 zijn de uitspraken opgenomen
Kluwer. Pbk. 2011. Nieuw. ISBN: 9789013096958